bg-hero
VOOR ZIJ-INSTROMERS EN ONDERWIJSPROFESSIONALS
boeken
Publicaties
door Herjon Nieuwburg
Blog  |  Negen redenen waarom werkvormen in je lessen vaak mislukken

Leestijd: 2 minuten 
Er zijn tientallen boeken uitgegeven met werkvormen. Veel van deze werkvormen zijn vooral geschikt voor trainingen en minder geschikt voor in het klaslokaal. Bijvoorbeeld vanwege de groepsgrootte van een training - 12 tot 14 personen - in verhouding tot die in een klas (25 tot 30 studenten). Daarnaast heb je bij een training de hele dag tijd om met de groep te werken, in een les is die les beperkt tot - pakweg - twee lesuren. Verder staat je lokaal ook nog eens vol met tafels en stoelen en moet je dus eerst alles verzetten om met je werkvorm aan de slag te kunnen gaan. Zonde van je lestijd.

Toch zijn er meer dan genoeg werkvormen die je prima in het onderwijs, en daarmee in je lessen, kunt inzetten. Lesgeven met werkvormen - ook wel het toepassen van activerende didactiek - is inspirerend, activerend en motiverend. Voor je studenten en voor jezelf. Alleen jammer dat zoveel werkvormen in het water vallen. Hieronder een opsomming met missers.

1.Traditioneel lesgeven
Veel docenten zijn gewend aan een traditionele stijl van lesgeven. Je staat voor de klas en je vertelt een (praktijk)verhaal, je introduceert theorieën of modellen en je gebruikt ter ondersteuning een PowerPointpresentatie of Prezi. Deze traditionele methode geeft je houvast maar is absoluut niet geschikt voor het werken met werkvormen in je les. Wil je succesvol werkvormen inzetten, dan moet je deze stijl van lesgeven direct loslaten.

2. Docenten doceren
Docenten zijn (in het verleden) vooral opgeleid om te doceren. Het delen van kennis, daar zijn ze goed in. Docenten ontbreekt het aan basis-trainersvaardigheden. Deze heb je absoluut nodig om effectief werkvormen in je les te kunnen inzetten. Denk aan het goed introduceren, begeleiden en afronden van oefeningen. Maar ook aan tijdig en constructief doen van interventies zoals feedback en feedforward geven. Alle docenten zouden dus docent-trainers moeten zijn.

3. Angst voor loslaten
Menig docent heeft angst voor het loslaten van de lesplanning en om mee te gaan met de dynamiek in de klas. Vaak omdat de docent zich onzeker voelt: door het ontbreken van bijvoorbeeld leservaring, door onzekerheid over zichzelf in de rol als docent en/of door het ontbreken van de regie c.q. het klassenmanagement. Beheers ik alle lesstof zelf wel voldoende? Hoe moet ik lesgeven zonder houvast van een PowerPointpresentatie? Komen er geen onverwachte vragen waar ik het antwoord niet op weet? Wat als het een rommeltje wordt in de les? Wat als de studenten niet gaan doen wat ik wil? Wat als… Met werkvormen weet je nooit helemaal zeker hoe je les zal gaan verlopen. Laat gaan.

4. Geen concrete leerdoelen
Als je een les ziet als een busreis, dan beschrijven de leerdoelen de eindbestemming en de lesdoelen de tussenliggende haltes. Een lesblok zonder concrete leerdoelen is als een busreis met een chauffeur die willekeurig links- en rechts afslaat. Uiteraard kan dit een mooie reis opleveren, maar je bent docent en geen reisleider. Dus zonder leerdoelen of lesdoelen, geen concreet toepasbare werkvormen.

5. Verkeerde werkvorm op verkeerde moment
De werkvorm wordt gekozen en ingezet om de werkvorm zelf. Hiermee zet je in op een mislukking. De werkvorm moet passend zijn in de lesopbouw en aansluiten bij de leerdoelen - lesdoelen. Hoe leuk je de werkvorm zelf ook vindt.

6. Geen nut
Studenten worden aan het werk gezet maar ervaren absoluut niet het nut van de opdracht of oefening. Ze gaan aan de slag en doen maar wat omdat de docent het vraagt. Het doel waarvoor de werkvorm wordt ingezet kan goed zijn, echter het resultaat is bedroevend. Werkvorm mislukt. Docent ontevreden. Studenten ontevreden.

7. Geen uitdaging
De werkvorm is prima en past binnen de lesopbouw en bij de lesdoelen. Toch gaan je studenten niet enthousiast aan het werk: ze worden namelijk niet uitgedaagd want de oefening is te makkelijk. Dat komt omdat de werkvorm niet aansluit bij de aanwezige kennis en kunde van je studenten. Je hebt onvoldoende het startniveau geïnventariseerd. Andersom geldt natuurlijk hetzelfde: de oefening is te moeilijk.

8. Verkeerde tijdsplanning
Veel lessen worden veel te vol gepland. Als docent kom je vaak tijd te kort en dat is dan ook een bekende valkuil bij het inzetten van werkvormen. De klok tikt door, je zet er vaart achter en je raffelt de oefening af. Vaak is er dan onvoldoende en soms zelfs helemaal geen tijd voor de nabespreking. En juist die nabespreking is essentieel voor het leerrendement en daarmee het succes van de werkvorm.

9. Niet evalueren
Docenten durven zich bijna niet kwetsbaar op te stellen voor de klas. Het merendeel van de docenten vraagt niet aan het einde van de les aan de studenten hoe zij de les hebben ervaren. Terwijl studenten je prima feedback kunnen geven en je zo kunnen helpen je docentschap te verbeteren. Werkvormen worden dan ook weinig tot niet geëvalueerd met de studenten. Een gemiste kans.

P.S. Natuurlijk zijn er nog veel meer redenen waarom werkvormen in je lessen mislukken.

Meer weten?
Is dit artikel herkenbaar en wil je meer weten over het succesvol inzetten van werkvormen in je lessen? En hoe Instituut Mentoris je daarin kan ondersteunen? Schroom niet en neem contact met ons op. Bel met Betsy van Bel op 0575 - 845 158 of e-mail naar betsy.vanbel@instituutmentoris.nl.


Over Herjon Nieuwburg
Herjon Nieuwburg (1967) is één van de drijvende krachten achter Instituut Mentoris. Ze houdt zich vooral bezig met het ontwikkelen van opleidingen en trainingen en ze publiceert regelmatig over het vakdocentschap in het beroepsonderwijs.

-->