bg-hero
VOOR ZIJ-INSTROMERS EN ONDERWIJSPROFESSIONALS

Deelnemers vertellen over de

Post-mbo-opleiding Pedagogisch didactisch bekwaam voor OOP

Op deze pagina interviews met oud deelnemers aan de post-mbo-opleiding Pedagogisch didactisch bekwaam voor onderwijsondersteuners.*
Geinterviewden zijn zijn onderwijsondersteuners/instructeurs die van hun onderwijsinstelling of  bedrijf de gelegenheid hebben gekregen om zich verder te bekwamen in de pedagogische en didactische vaardigheden. Daarnaast zijn er professionals uit de praktijk die zich via de opleiding hebben voorbereid op een carrièreswitch naar het praktijk- en beroepsgerichte onderwijs. 

Inmiddels mogen wij voor meer dan 125 scholen in het voortgezet onderwijs onderwijsondersteuners opleiden tot instructeurs.
Deze opleiding wordt ook incompany aangeboden bij onderwijsinstellingen.

Daarnaast zijn er verschilllende bedrijven, zoals Bouwmensen, Alliander en de Schilderschool, die hun instructeurs of leermeesters de gelegenheid bieden om zich te bekwamen in de pedagogische didactische vaardigheden. 

Benieuwd naar de inhoud van deze opleiding? Klik dan op de button hiernaast of neem contact met ons op. 
* Deze opleiding werd tot 2025 aangeboden onder de naam post-mbo-opleiding Instructeur in het onderwijs.

Erst Oostindie
“Een vriend zei: ‘Onderwijs is echt iets voor jou’ en dat bleek een waarheid als een koe!”

In 2022 sloot Ernst Oostindie (56) de opleiding Instructeur in het onderwijs met succes af. Bij De Viaan in Alkmaar, een school voor praktijkonderwijs, is Ernst werkzaam als instructeur bij het praktijkvak Plant & Dier.

Als zelfstandig ondernemer was Ernst jaren werkzaam als hovenier. Hij had zijn eigen hoveniersbedrijf en had altijd veel plezier in zijn werk. Toch miste er iets, maar heel duidelijk was niet wát dat was. Totdat Ernst door een knieblessure gedwongen was om rust te nemen. Zijn geliefde hovenierswerk lukte hem niet meer zo intensief als hij gewend was, daarin moest hij een stapje terug doen. “En als je gedwongen rust krijgt, dan moet je wel nadenken over hoe nu verder.”

Het was een goede vriend – werkzaam in het praktijkonderwijs – die Ernst uitnodigde om eens op school mee te draaien. Dat leek Ernst wel wat en zo gezegd, zo gedaan. Ernst liep een ochtend mee, werd voor de leeuwen gegooid en hij was zó enthousiast, dat hij de klant bij wie hij ’s middags hovenierswerk zou verrichten, belde met de mededeling dat de klus werd uitgesteld. Vervolgens bleef hij de hele dag op school aan het werk. Het kwartje was gevallen, de doelgroep sprak aan en het voelde goed en fijn om iets te kunnen betekenen voor leerlingen die het om welke reden dan ook wat moeilijker hebben, of dat nu te maken heeft met een lager IQ of met een soms lastige thuissituatie of wat ook maar. “Leerlingen vertrouwen kunnen geven, dat is geweldig!”

De directie van de school (De Viaan in Alkmaar) zag samenwerking met Ernst ook wel zitten, maar wilde wel graag dat er een opleiding werd gevolgd. Men was bekend met Instituut Mentoris en zo kwam Ernst daar terecht. De directie had er goede ervaringen mee, juist omdat het Instituut bekend staat om de geleverde structuur en gegeven duidelijkheid. En zo ging Ernst het traject in. Hij ervoer het bij tijd en wijle als best zwaar, er kwamen veel nieuwe dingen op hem af: hij veranderde van baan, het onderwijs an sich, en zelf weer de schoolbanken in. “Het jaar 2021-2022 kan wel gekenmerkt worden als een rollercoaster. Ik vond het mooi en leerzaam om het beste van mezelf te geven.” Voor Ernst betekende het hele traject ook veel inzichten in zichzelf. Tijdens de opleiding wordt veel aandacht besteed aan zelfkennis: sterktes, zwaktes, valkuilen. De ene eyeopener volgde de andere op, hetgeen soms best confronterend voor hem was. “Maar héél leerzaam!”

Waar ook veel aandacht aan werd besteed, was intervisie. Elke bijeenkomst werd voorafgegaan door intervisiebijeenkomsten, waarin over vele cases werd gesproken, eerlijk en oprecht. “Omdat twee medestudenten net als ik helemaal uit Noord-Holland kwamen, reisden wij samen, in mijn werkbus. We zaten met z’n drieën gemoedelijk naast elkaar en praatten honderduit over alles wat we meemaakten. Daarmee hebben we onvoorstelbaar veel ‘tussen de regels door’ geleerd, gewoon op weg naar huis. Dat was onbetaalbaar!”

“Het is ook fijn dat er zo’n gemêleerd gezelschap aan de opleiding deelneemt. Meerdere niveaus, eenieder met zijn eigen levenservaring, dwingen je tot zelfreflectie. Op die manier leer je erg veel over jezelf, kom je tot heldere inzichten, die jezelf aangaan,” zo vertelt Ernst.

Veel mensen in Ernst zijn omgeving zeiden altijd al dat hij iets met onderwijs moest gaan doen, vonden hem een natuurtalent. Een groot compliment natuurlijk, maar het levert ook extra druk op en daar had hij soms wel last van. “Als je een dergelijk compliment krijgt – want zo was het bedoeld – dan word je je ineens bewust van een rol, die je geheel ónbewust vervult. Daar moet je dan aan voldoen en dat vond ik best ingewikkeld af en toe.”

De onderwijssmaak heeft Ernst wel te pakken, er zijn ambities genoeg! Op de vraag waar hij zichzelf binnen het onderwijs over pakweg vijf jaar ziet, is hij kort: nog steeds in het onderwijs werkzaam, maar wellicht als tweedegraads docent. Er zijn plannen om een HBO-opleiding te gaan doen in Wageningen. “Dat geeft een enorme kick, want als ik daarmee klaar ben, ben ik 60! Het is het bewijs dat leeftijd eigenlijk helemaal niet belangrijk is, geen enkele rol speelt!”

En als hij terugdenkt aan de opleidingstijd bij Instituut Mentoris? De leerzame lessen, bijeenkomsten bij Gerrit en Wilma, de informele sfeer en de ruimte voor humor, heel fijn!

 

Barbara Smith 2-1
“Voor een groep spreken was eerst zo spannend, maar nu sta ik er heel relaxed, ontspannen!”

In 2022 sloot Barbara Smith (52) de opleiding Instructeur in het onderwijs met succes af. Bij De Waerdenborch in Goor is Barbara werkzaam als instructeur en beheerder van het Technolab, waar ze leerlingen van het basisonderwijs en de leerlingen van de Waerdenborch (VO) begeleidt.

Al jarenlang was Barbara in Raalte werkzaam in het onderwijs, als secretarieel medewerker. Dan weer stond ze in de mediatheek, dan weer bij de informatiebalie, dan weer hield ze zich bezig met de aanmeldingen van leerlingen vanuit het basisonderwijs. Toen een collega van haar – een onderwijsassistente – met zwangerschapsverlof ging, reageerde zij op de tijdelijk vrijgekomen functie, en met succes. Daarmee legde ze de kiem voor een carrière in het onderwijs, waarbij ze direct met leerlingen in contact is.

Na verloop van tijd kwam de inmiddels bevallen collega terug en Barbara ging weer terug naar haar secretariële werkzaamheden. Maar het directe contact met leerlingen bleef boeien, waardoor ze besloot een opleiding te volgen tot onderwijsassistent. Tijdens die opleiding kon ze al als onderwijsassistent aan het werk, dus dat was bonus! Het smaakte naar meer: ze wilde ook aan het werk als instructeur! Er was een nieuw technolab op De Waerdenborch in Goor en Holten in ontwikkeling en dat leek haar wel wat!

Op die school werd Barbara getipt door een aantal collega’s over Instituut Mentoris. Via via vernam ze dat er een subsidie beschikbaar was via Twents Fonds voor Vakmanschap en die heeft ze aangevraagd. Met succes, want ze kreeg de subsidie toegekend. “Spannend, weer aan de studie, maar een van de voordelen van corona was, dat ik minder op school hoefde te zijn en zo meer tijd had voor de studie.”

Eenmaal begonnen bij Instituut Mentoris met de opleiding Instructeur in het onderwijs, maakte Barbara kennis met een gemêleerde groep gelijkgestemden, ook van buiten het onderwijs. Haar intervisiegroep was fanatiek, hetgeen Barbara wel prettig vond, en vooral leerzaam.  “We werkten veel samen, deden veel met elkaar, op een prettige en respectvolle manier, waardoor je je heel veilig voelde. Ook als je voor de groep moest spreken.”
Dat gebeurde veel, vertelt Barbara. Iedere bijeenkomst moest iedereen minstens een keer voor de groep spreken. In het begin vond ze dat wel spannend, maar ze heeft er ook veel aan gehad. “Hoe vaker je dat doet, hoe gemakkelijker het werd. En de feedback van de groep is dan heel leerzaam. Inmiddels spreek ik gemakkelijk en natuurlijk voor een groep, vooral als het om een groep leerlingen gaat.” Van ‘de zes rollen van de leraar’ (gastheer, presentator, didacticus, pedagoog, afsluiter en leercoach) vindt Barbara de eerste het belangrijkst. “Daarmee laat je leerlingen voelen dat je ze ziet. Werkt die rol niet, dan werken de andere rollen ook niet.”

Op de vraag waar Barbara zichzelf binnen het onderwijs over vijf jaar ziet, is ze duidelijk: “Nog steeds op het technolab, en dan ben ik expert in alle technische apparaten en technologieën die er zijn.”

En als zij terugdenkt aan de opleidingstijd bij Instituut Mentoris? “Het was ontzettend boeiend, ik heb er enorm veel geleerd in een fijne, veilige – niet klassikale – setting.”

foto Herbert Theunissen
“Ik ga nu elke dag fluitend naar mijn werk. Het is een grote verandering in mijn leven.“

Herbert Theunissen kreeg in juli zijn diploma Instructeur in het Praktijkonderwijs. Na jaren werken als automatiseringsdeskundige in de agrarische sector, switchte hij na een burn-out naar werken met jongeren. Iets wat al lang sluimerde in zijn hart. Sinds oktober 2019 is hij onderwijsassistent en instructeur bij de Marianum Scholengemeenschap in Lichtenvoorde. Tegelijkertijd startte hij met de Mentoris opleiding.

“Na mijn burn-out wilde ik totaal wat anders. Conciërge zijn op een school leek me altijd al wel wat. Een kennis, docent bij Marianum, raadde mij aan daar te solliciteren. Toen ging het allemaal héél snel, binnen een week was het: gefeliciteerd, je kunt morgen beginnen. Het was begin oktober. Ik had helemaal geen papieren. Ik vond Mentoris, waar de opleiding op 31 oktober zou starten. Een week van tevoren heb ik me kunnen inschrijven. Ik heb geluk gehad, maar ben ook in het diepe gesprongen. Geen idee wat ik moest verwachten.”

Het was dubbelop in het diepe springen, voor het eerst een baan in het onderwijs én een nieuwe opleiding. Het was ook pittig, aldus Herbert. “Ik ben tweeënvijftig en helemaal niet meer gewend aan school en studie. Maar het beviel me uitstekend. Ik was altijd heel druk en extravert. Maar je leert veel over jezelf en hoe je met dingen omgaat. Onze docent was daar ook heel belangrijk in voor mij.”

Herbert heeft inmiddels een aanstelling voor 32 uur per week. Het omgaan met jongeren vindt hij fantastisch. “Ik ga nu elke dag fluitend naar mijn werk. Het is een grote verandering in mijn leven.“ Over de praktijk stak hij veel op in de opleiding. “Ik ben me nu bewust van wat en hoe ik iets doe. Er is gewoon een basis. Neem bijvoorbeeld de lawaaifase bij het binnenkomen. Geef ze even 5 minuten de tijd daarvoor, dat werkt. Ik heb beter leren luisteren en ben rustiger geworden. Mijn idee was: ik ga ze snel even van alles leren. Nee dus, het is een proces van jaren. In het vmbo is het gewoon ‘proeven’, van alles wat. En ook later in het mbo en pas dan gaan ze een vak kiezen. Het was wennen maar ik heb geleerd hoe je in de les allerlei rollen hebt. Je bent presentator, entertainer, coach, vraagbaak. Lesgeven is meer dan simpelweg iets vóórdoen en dan weten ze het. Dat is voor elke leerling anders, de een is snel en de ander heeft herhaling nodig.”

Het contact met zijn medestudenten? “Een leuke club, een goede sfeer, zeker ook door de inbreng van onze docent. Door de coronacrisis liep het natuurlijk wat uit elkaar, maar Mentoris heeft dat goed opgepakt. We hadden allerlei vragen, wel of niet examen doen, gaan we door of pas na de zomer? We kregen onlinelessen en er was bij bijna elke les een gastspreker, dat vond ik erg leuk. Mensen uit de praktijk, een stemcoach, een presentatiecoach. En ook een cursus zelfverdediging. Het was allemaal heel menselijk en niet super strak.”

Het was een heftig jaar voor hem, waarin veel gebeurd is. Herbert gaat nadenken of en wat hij verder wil. “Misschien verder naar docent 2e graads. Ik heb nu een jaarcontract, maar als ik zie hoeveel vraag er is naar mensen in het onderwijs zie ik het positief tegemoet. Ik ben er nog niet uit, na de zomer ga ik er verder over denken. Eerst vakantie.”

Foto Feridun testimonial 2-3
De opleiding paste precies bij mij als zij-instromer en praktijkinstructeur.

Feridun Karaman sloot in juli 2020 de post-mbo-opleiding Instructeur in het Praktijkonderwijs met succes af. Hij geeft bij netwerkbedrijf Alliander instructie aan collega’s. Hij zet zijn vaardigheden dus niet in het onderwijs in, maar in het bedrijfsleven.

“Ik begon als storingsmonteur bij Liander (voorheen NUON) en werd daar allround monteur. Sinds anderhalf jaar werk ik bij Alliander als praktijkinstructeur en trainer. Dat werk deed ik bij Liander al. Ik ben gewoon een ervaren monteur, zonder achtergrond in trainerschap. Bij Alliander ben ik met mijn manager gaan kijken wat ik kon doen om een betere trainer te worden. Eerst was het idee om bij de HAN (Hogeschool van Arnhem en Nijmegen) het pedagogisch-didactisch getuigschrift te halen. Maar direct een hbo-opleiding vond ik te hoog gegrepen. Dus ben ik verder gaan zoeken en zo vond ik Mentoris. Dit paste precies bij mij als zij-instromer en praktijkinstructeur. Instructie geven vond ik altijd leuk om te doen. Ik was al jaren trainer van het voetbalteam en aanvoerder van het elftal. Coachen en het uitzetten van trainingen vind ik leuk en daar had ik dus ook al ervaring mee. Het past wel bij mij.”

Wie zijn zijn ‘leerlingen’? “Dat zijn eigenlijk collega’s en studenten tegelijk. Ze komen van een opleidingstraject als ‘student’, maar ze hebben ook een contract bij ons. Ze zien me wel als leraar, maar het is maar hoe je het brengt. Het werkt het beste als je tussen hen in staat en niet ‘boven’ hen. Er is veel leeftijdsverschil, van 17 jaar tot 50 jaar en ook veel verschil in ervaring. Ouderen willen zich vaak omscholen, bijvoorbeeld vanuit een beroep als automonteur of timmerman. Zij hebben meer praktijkervaring. Ik ben met mijn werk veel meer bezig dan toen ik monteur was. Ik moet me ook verdiepen in nieuwe ontwikkelingen, een nieuwe schakelaar bijvoorbeeld. Daar moet ik uitleg over kunnen geven. Ook heb ik af en toe ‘train de trainer’ sessies.“

Feridun vindt dat de opleiding hem zeker wat opgeleverd heeft. En vooral, dat het heel goed te combineren was met zijn privéleven, de belasting is niet te zwaar. In de opleiding ontdekte hij dat veel dingen die hij uit zichzelf al deed, in het onderwijs een doel of functie hebben en benoemd worden. “Alles heeft een functie, een naam of een titel. Dat wist ik niet. Ik dacht, ik doe het gewoon zo. Leerdoelen, lesdoelen en andere benamingen, het werd me in de opleiding duidelijk in welke vakjes ik mijn werk moest plaatsen.”
Over het contact met zijn medestudenten is hij zeer te spreken, vooral over zijn intervisiegroep. “ Een groep van vier, fijn om mee te werken. We begrepen elkaar goed. Eens per maand kwamen we bij elkaar. Leuk en heel intensief. We hebben elkaar goed geholpen en daar veel van geleerd. Elkaars werk laten lezen en elkaar steunen en pushen. Eerst dacht ik, is dat wel nodig? Maar met elkaar sparren heeft duidelijk voordelen gehad.”

Wat zijn de toekomstplannen? “ Ik kan twee kanten op. Als ik in het bedrijfsleven wil blijven werken, dan is dit genoeg. Maar als ik ook in het v(mbo) iets wil doen, dan is de opleiding Doceren als 2e beroep een optie, een stapje hoger qua niveau, maar wel met veel bekende dingen. Of toch het getuigschrift van de HAN. Ik moet mezelf de vraag stellen wat ik wil. En ik moet ook mijn privéleven mee laten wegen.”
Feridun laat het bezinken en denkt er over na.

Foto interview Berry-1
Al met al vind ik het gigantisch mooi aansluiten op mijn werk; wat ik leerde kon ik meteen toepassen

Berry was één van de eerste studenten van de nieuwe opleiding Instructeur in het Praktijkonderwijs, die hij in 2019 afsloot. Hij werkt al langer in het praktijkonderwijs in Zutphen, waar hij zijn leerlingen de kooktechnische aspecten van het Horecavak bijbrengt.

De opleiding bood hem duidelijk voordelen. “Je staat zekerder voor de klas. Ik was onbewust bekwaam en ben nu bewust bekwaam. Ik wist niet waarom ik bepaalde dingen deed in de praktijk. In de opleiding kreeg ik de bevestiging dat mijn aanpak goed was en waarom. Ik heb ook veel nieuwe dingen geleerd; bijvoorbeeld hoe je didactisch de lesstof zo brengt dat het bij de leerling overkomt. Je kunt wel iets voordoen en het ze dan laten nadoen, maar dat blijft niet hangen.”

Uitdaging werkt goed volgens Berry. “Je moet ze in de leerstand zetten en ze bewust maken van het feit dat ze iets niet kunnen. Dan heb je ze meteen binnen. Ik daag ze uit door vragen te stellen over dingen die ze niet kunnen weten. Dan willen ze echt wel weten hoe het zit. 

Asperges klaarmaken, bijvoorbeeld. Ik vraag hoeveel soorten er zijn, waar ze vandaan komen, hoe je ze moet schillen. Dat weten ze meestal niet en dan willen ze ermee aan de slag. Mijn vak levert direct resultaat op. Ze maken iets dat ze kunnen meenemen of direct opeten. Dat is wel een voordeel.”

Wat doet hij nu anders? “Ik start nu echt met de les, geef ook iedereen een hand aan het begin. En ik sluit ook bewust af, op tijd stoppen en de tijd nemen om de les samen te evalueren en af te sluiten. Vroeger liet ik dat meer op zijn beloop. Het versterkt ook het contact.”

Berry en zijn medestudenten hebben natuurlijk als eerste lichting de nieuwe opleiding geëvalueerd. Er waren aandachtspunten: “De lesstof vonden we behoorlijk pittig voor studenten op mbo-niveau. Daar gaan ze nog wat aan doen en ook aan de hoeveelheid lesstof. Maar de aanpak is perfect, tot in de puntjes voor elkaar. Intervisie was wel een ding. Als je nog nooit gestudeerd hebt, weet je niet wat dat inhoudt. Daar zijn we goed bij geholpen en het is belangrijk. Het werkt goed om praktijkvoorbeelden van anderen te horen. Ik kijk echt vanuit de horeca naar mijn aanpak en andere meningen zijn dan welkom. Al met al vind ik het gigantisch mooi aansluiten op mijn werk; wat ik leerde kon ik meteen toepassen.”
Voor het examen moest hij een moodboard maken. “Dat vond ik mooi. Laten zien wat volgens mij de leerlingen allemaal bezighoudt. Ik heb hen van alles gevraagd en heel goed geobserveerd. In de les praten ze onderling en daar heb ik ook veel van meegekregen. “ Berry wil zich blijven verdiepen in zijn leerlingen en hoe hij hen het beste een vak kan leren. “Dat moet je natuurlijk sowieso in het onderwijs, maar ik zie er ook zeker de voordelen van. Dus als ze bij Mentoris iets ontwikkelen waar ik mee verder kan…” Hij houdt het in de gaten.

albert-bolink-foto-2-1.700x0 2-1
Zijn sollicitaties komen dus op een goed moment; mét een diploma en hij is zó in te delen.

Hij was nog niet werkzaam in het onderwijs, was dat een bezwaar? “Helemaal niet. Het is natuurlijk wel handig als je wat ervaring hebt in het werken met jongeren, als vrijwilligerswerk bijvoorbeeld. Ik heb 30 jaar ervaring in de scouting en als zwemcoach.

” Hij is positief over de opleiding: “Je oefent heel veel skills, bijvoorbeeld hoe je je als leraar of coach gedraagt. Ik heb me wel eens afgevraagd, waarom blijf je als leraar nou zo geduldig en vriendelijk? Maar door het te oefenen, is het me nu wel duidelijk waarom.” Dat is volgens hem ook zeker te danken aan de kwaliteiten van docent Gerrit Montizaan, die talloze praktijkvoorbeelden heeft.

Albert bracht het geleerde ook al in praktijk in zijn stage bij vmbo
Reggestein in Rijssen en bij zijn zwemtraining en zwemcoach ervaring. ”Dat ging allemaal heel soepel, ik kijk er anders naar dan vroeger. Ik ben me meer bewust van wat ik doe, wat werkt en wat niet. Als je in praktijk brengt, wat je hebt geleerd, merk je dat het werkt. Dat zijn verhelderende momenten en dat is fijn om mee te maken. Zeker omdat ik nieuw in het onderwijs ben.”

Na zijn diploma is Albert actief op zoek naar werk gegaan. Hij had zich al georiënteerd op scholen tijdens open dagen. Hij stuurde veel sollicitaties de deur uit en dat gaat goed. “Ik word heel veel uitgenodigd, dat is positief. Er gaat een wereld voor me open! Onderdeel van de opleiding was ook dat we samen onze motivatie schreven , een cv opstelden en andere opdrachten in dit verband uitvoerden. Dat blijkt dus wel degelijk te werken om binnen te komen op scholen.“ Wat ook helpt, is dat na half juni bij de scholen de verdeling van de lesuren voor het komend schooljaar wordt gemaakt. Zijn sollicitaties komen dus op een goed moment; mét een diploma en hij is zó in te delen.

“Ik heb ook al gesprekken gehad, morgen wéér een. Het zijn allemaal scholen in de regio.” Er zit muziek in volgens Albert, die verwacht dat er zeker een baan op zijn pad komt.

-->